Autobiografie van Ronald Rhijnsburger

en het verhaal achter het boek "De Salon Filosoof"

Voorwoord

Beste lezer,

 

In deze korte vertelling beschrijf ik hoe mijn leven is verlopen en hoe het boek en de cursus tot stand zijn gekomen. Ik vertel het proces wat mijn leven totaal zou veranderen, waardoor ik nu geworden ben wie ik ben. Uiteindelijk is het niet belangrijk wie ik ben, maar ik hoop dat het lezen van deze korte autobiografie inspiratie mag brengen. Naar de buitenwereld toe, noem ik mijzelf "Helderziende en Trance-medium/Paragnost."

Voor mij persoonlijk zijn dit woorden om een verwijzing te kunnen maken naar wat ik doe. Voor mij is het ook een manier van leven dat volledig geïntegreerd is, met wie ik ben als mens.

 

Tijdens het schrijven van deze autobiografie heb ik geregeld de hulp van mijn vrouw en mijn lieve moeder moeten inroepen. Ik kon de tijdgeest van de ervaringen uit mijn leven niet helemaal helder meer voor ogen krijgen en in de juiste volgorde plaatsen, omdat het proces wat ik heb doorgemaakt en hier beschrijf, deze herinneringen en gehechtheden verbroken hebben, waardoor ik moeite moest doen om ze weer voor de geest te halen. Maar met de hulp van deze twee kanjers is het gelukt. Mijn dank en liefde gaan ook uit, naar allen die in dit verhaal beschreven staan. Sommigen van hen hebben reeds hun stoffelijke jas uitgedaan, maar hun spirit gaat voort.

Het gaat hier niet zozeer om wie ik ben, maar om de sfeer die ik tracht te omschrijven.

Ik wens u veel leesplezier!

 

Hartelijke groet,

Ronald Rhijnsburger

 

 

 

 

 

 

 

 

Hoe het begon

Als kleine jongen werd ik ‘s ochtends vaak wakker van het geluid van ronkende vliegtuigmotoren. We woonden destijds met het gezin in het kleine dorpje Valkenburg (ZH), pal tegen marinevliegkamp Valkenburg aan.

Al generaties lang, wel teruggaand tot ongeveer 1600, woonden en werkten mijn familieleden in de lijn van vaders kant in dit kleine dorpje met haar rijke geschiedenis. Uit de Romeinse tijd zijn hier veel archeologische vondsten gedaan, omdat de Romeinen hier een nederzetting hadden.

Maar ook de Tweede Wereldoorlog heeft zijn stempel gedrukt op het dorp en haar inwoners. De veilige jeugd die ik hier heb ervaren, heeft mij een goede basis gegeven en de basisschooltijd is dan ook een periode, waar ik met blijdschap aan terugdenk. Al was het voor mij als kind (toen al), een hele uitdaging om binnen de kaders te functioneren. Elke dag, elke week, elke maand hetzelfde ritme van het naar school gaan paste niet bij mij.

Er waren periodes dat ik het niet kon opbrengen, maar gelukkig had ik goede leerkrachten die hier creatief en welwillend in hebben meegedacht.

Ik had in deze periodes vaak veel angsten. Angst voor het donker, angst voor het slapengaan. Dit kwam mede doordat, wanneer ik bed lag, ik allemaal mensen in mijn kamer zag of voelde die ik niet kende. Elke avond kwam er iemand mijn slaapkamer binnen die mij dingen liet zien. Pas jaren later begreep ik wat er destijds gebeurde.

 

Niets vermoedend van wat het leven zou gaan brengen, kwam daar opeens het bericht dat wij als gezin zouden gaan verhuizen naar Leiden. Leiden, de grote enge stad die ik alleen kende omdat daar familie woonde.

Ik zou vanwege het Voortgezet Onderwijs sowieso naar Leiden moeten, dus eigenlijk was het achteraf een goede keuze van mijn ouders.

Bij toeval kwamen we in dezelfde straat te wonen als waar mijn oma al woonde. En de nieuwe grote school lag aan de overkant van de straat, dus eigenlijk was het helemaal niet zo slecht.

Mijn oma was het type mens wat leefde voor haar kinderen en kleinkinderen.

Een schat die mij, als één van de weinige mensen die ik in mijn leven ontmoet heb, nooit pijn heeft gedaan en waarbij ik mij volledig veilig bij voelde.

Eigenlijk moet ik zeggen nog altijd voel. Er kwam, nadat de jaren op de middelbare school verstreken en ik inmiddels de opleiding grafische technieken volgde, omdat creativiteit en creëren helemaal mijn ding was, een steeds groter wordende onrust in mijzelf naar boven. Ik werd steeds bozer en ongelukkiger en kon absoluut niet omgaan met onrecht.

Zo gebeurde het, dat ik zes weken voor het examen van eerder genoemde opleiding, een enorm conflict kreeg met het schoolbestuur. Wij hadden als klas de opdracht gekregen om een jaarboek te maken.

Deze opdracht zou meetellen voor het examen. Ik had de regie over de vormgeving en afbeeldingen.

Na hier weken aan gewerkt te hebben en de enthousiaste reactie van een leerkracht, kwam vanuit het schoolbestuur opeens het bericht dat ze mijn vorm niet in het jaarboek wilden en of ik even iets anders kon maken.

Toen aangaf dat ik dit niet zou doen, omdat ik hier weken aan gewerkt had en ik niet in één week alles kon veranderen, gebeurde er iets wat mijn leven totaal op zijn kop zou zetten. Op dat moment heel heftig, maar als ik er nu naar kijk een geschenk.

Het conflict liep hoog op. Doordat dat ik bij mijn standpunt bleef en niet alles opnieuw wilde gaan doen, was het oordeel van het schoolbestuur dat ik dan niet zou slagen. Voor het eerst in mijn jonge leven heb ik toen een besluit genomen en ben niet gezwicht voor het oordeel van het bestuur, wat ik als onrecht zag.

Ik ben opgestaan en heb de school verlaten. Dan maar geen papiertje. Daarna heb ik een korte tijd nog op een andere school gezeten, maar er was iets geknapt in mij. Ik kon het niet meer uithouden in die grote gebouwen met heel veel ander mensen erin.

 

Ik werd nog onrustiger en bozer. Ik werd een rebels kereltje.

Als klap op de vuurpijl gingen mijn ouders scheiden en dat zorgde ervoor dat de rebelsheid toenam. Mijn lieve moeder wist zich geen raad meer met mij en vond dat ik hierover met iemand moest gaan praten. Belachelijk vond ik het.

Het eerste gesprek met de jeugdwerker verliep niet zo goed en naar ik meen, ben ik na een half uur opgestaan en weggegaan. Ik werd bestookt met allerlei vragen en omdat ik geen antwoorden gaf, besloot deze beste man ze zelf invullen.

“Wat een sukkel is dat, daar ga ik nooit meer naartoe”, heb ik tegen mijn moeder gezegd.

Al kan het zo zijn dat ik het destijds in een iets andere bewoording heb geuit. Mijn moeder was inmiddels al gebeld en wist er vanaf. Ik hoefde niet meer naar deze man toe. Gelukkig, dacht ik. Maar naar aanleiding van het misgelopen gesprek was de conclusie dat er toch iets moest gebeuren met dat woedende mannetje wat zich niet kon uiten. De volgende jeugdwerker werd opgeroepen en weer moest ik eraan geloven. Bij binnenkomst zag ik een man staan, klein van stuk, die wat nonchalant naar buiten stond te staren. Achteraf gezien, heeft deze man het briljant gespeeld en moet ik het hem nageven dat hij goed geluisterd heeft naar wat er in het eerste gesprek misgegaan was.

Hij draaide zich om, keek mij vriendelijk aan en zei zacht: “Jij moet Ronald zijn.” Mijn antwoord was: “Is dat zo?”

Zonder hier op in te gaan wees hij naar het raam: “Moet je hier eens kijken.” Argwanend liep ik zijn richting op en ging naast deze vreemde knakker staan. “Nou, wat is er dan te zien?” vroeg ik opstandig.

Het pand lag aan de singel in Leiden en toen ik keek, zag ik een groep zwanen met hun jongen voorbij komen. “Mooi hè, vind je niet?” Hoorde ik de man naast mij zeggen. Ik haalde mijn schouders op een manier van, “het zal wel”.

De man naast me ging praten en zei: “Als je niks wilt zeggen dan hoeft dat niet. En als je voelt dat je het niet meer uithoudt, zeg dat dan maar gewoon, dan stoppen we en mag je gewoon gaan.”

Op de één of andere manier werd ik rustig van binnen als hij praatte.

Ik voelde dat het klopte met wat hij zei. Uiteindelijk stelde hij voor om ergens te gaan zitten. Zo slim als hij dat deed, gingen we dus niet naar zijn kantoor, maar namen we plaats in de wachtruimte van het gebouw, waar we zicht konden blijven houden op de singel. Voor zover ik me kan herinneren zijn er geen vijf zinnen gezegd. Niet door hem en niet door mij.

Op de terugweg naar huis, viel het me op dat ik me rustig voelde en leek het, alsof alles om me heen meer kleur had gekregen. Bij thuiskomst vroeg mijn moeder of het een aardige man was, waarop ik nonchalant heb geantwoord dat het wel ging. Ik ben vervolgens op de bank gaan zitten, waarop er vanuit het niets een golf van verdriet over mij heen kwam. Ik heb gehuild als een klein kind met hevige schokken. Het tij was gekeerd. Ik voelde weer iets in mijzelf terug, wat ik alleen als klein kind had ervaren, wanneer ik ‘s ochtends wakker werd van het geronk van de vliegtuigmotoren in het veilige dorp.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het werk kon beginnen

In een razend tempo transformeerde ik van de puber die zich niet kon uiten, naar een jonge man die zich de kaas niet van zijn brood liet eten. Ik kon prima voor mezelf opkomen en deed al wat mensenkennis op, door bij mijn vader in de winkel te gaan werken. Ik zag hoe hij met zijn klanten omging en ging dit op mijn eigen manier ook zo doen. We spraken er veel over dat we graag een horecazaak wilden beginnen. En op een dag was het zover en kwam mijn vader naar me toe met het nieuws dat hij een cafetaria gekocht had in het centrum van de stad en met de vraag, of het mij leuk leek dit samen te gaan runnen. Over de top van blijdschap had ik eindelijk een doel. Er zat weinig omzet in de zaak, maar het was wel één van de oudste cafetaria’s in Leiden. We begonnen plannen te maken en vanuit mijn grafische achtergrond heb ik een huisstijl gemaakt. Zo bevond ik mij opeens achter een toonbank, wachtend op de eerste klant.

 

De wijk waarin de zaak zich bevond had geen goede naam voor wat betreft de criminaliteit. Hierdoor kreeg ik al snel mensen in de zaak die om een bepaalde benadering vroegen. Doordat sinds mijn kindertijd het waarnemend vermogen zich al aardig ontwikkeld had, kon ik al snel bepalen wie of wat voor mens er binnenstapte. Later zou ik dit gaan perfectioneren en leerde ik mezelf aan om, zoals ik dat tegenwoordig noem, te scannen. Ik scande iemand als hij of zij binnenkwam en vanuit wat ik waarnam hielp ik de klant. Er ontstond hierdoor een goede band tussen de klanten en mij en al snel ging de zaak lopen.

Mijn vader had toen ook nog zijn andere zaak, waardoor het er eigenlijk op neerkwam dat ik de zaak alleen runde. Ik merkte dat ik vrij was! Door deze vrijheid werd de creativiteit in mij aangewakkerd die allemaal nieuwe plannen voor de zaak teweeg bracht. In die tijdgeest waren er nog geen bezorgdiensten.

De enigen die destijds aan het bezorgen aan huis deden waren de ‘pizzaboeren’. Ik stelde voor om een bezorgdienst op te zetten. Niemand zag er iets in, maar mijn vader stond aan mijn kant. Hij had ook het idee dat het misschien wel iets kon gaan worden. Mijn vader had nog een leuk contact bij de lokale krant en heeft deze benaderd. De koptekst in de krant luidde: “Amerikaanse toestanden in de Smulshop”. Daar werd ik ineens als 18-jarige jongen geïnterviewd, zonder er enig besef van te hebben wat dit teweeg zou gaan brengen. Mijn vader had een oud autootje op de kop getikt en laten beletteren, waarmee de bestellingen bezorgd konden worden.

Het artikel kwam in de, in die jaren, zeer populaire zondagskrant.

In de advertentie die we erbij hadden laten plaatsen, stond dat er ter introductie gratis bezorgd zou worden.

 

Het was zondagmiddag twaalf uur en de telefoon ging voor de eerste bestelling. Nadat ik had opgehangen, ging hij meteen weer over. Vijf jaar lang is vervolgens de telefoon over blijven gaan. Binnen een jaar reden we met vier auto’s en een brommer om de bestellingen te bezorgen. Een goed concept die zijn tol ging eisen. De zaak werd te klein en het krijgen van goed personeel bleek een ware uitdaging. We werkten honderd uur in de week van 10 uur in de ochtend tot 01.00 uur in de nacht. We gingen steeds meer maaltijden bezorgen.

Ook het bedrijfsleven wist ons te vinden en de druk werd steeds groter.

We besloten om er nog een zaak bij te kopen en hier de bezorgdienst naar over te brengen. Nadat we dit gerealiseerd hadden gingen we op zoek naar een bedrijfsleider die wat druk van onze schouders kon afhalen.

Mijn vader had zijn andere zaak inmiddels weggedaan en was nu ook fulltime in de cafetaria aan het werk. Net toen de tweede zaak open was en wij het logistieke plan voor de verhuizing bedacht hadden, kwam er een man solliciteren voor de functie van bedrijfsleider. Een aardige kerel die veel ervaring bleek te hebben.

Hij vertelde in het sollicitatiegesprek dat hij graag zelf een zaak wilde hebben. Voor de grap zei ik dat hij de zaak ook kon kopen. De man keek me aan en vroeg of ik dat meende. Ik antwoordde dat alles te koop was. Er hing ineens een rare sfeer en de man vroeg naar de vraagprijs. Ik noemde een belachelijk bedrag en hij zei erover na te gaan denken. Nog diezelfde avond belde hij op dat hij overlegd had met zijn broers en dat hij de zaak heel graag wilde overnemen. Mijn vader en ik keken elkaar aan en waren met stomheid geslagen. Na jaren hard gewerkt te hebben leek het ons heerlijk om het wat rustiger aan te gaan doen. Maar de zaak verkopen was van een hele andere orde. Na veel twijfel was het overkoepelende gevoel bij mij dat we hier ons kunstje hadden neergezet en dat continueren niet mijn sterkste kant was. Ook mijn vader was moe van het harde werken en binnen een maand namen we afscheid van datgene, waar we met hart en ziel aan gewerkt hadden. Een nieuw tijdperk kon beginnen.

 

We besloten samen een adviesgroep op te zetten om bedrijven in de horeca te gaan adviseren. Ik had door de jaren heen een soort van ‘zesde zintuig’ ontwikkeld (al bleek dit achteraf helderziendheid te zijn). Ik liep een horeca zaak binnen en kon aan wat er in de toonbank lag, precies vertellen wat voor omzet er in de zaak zat. Ik kon ook zien waar de groeimogelijkheden zaten voor de desbetreffende ondernemer. Door de formule die wij in onze zaak ontwikkeld hadden konden we andere horecaondernemers helpen om efficiënter te gaan werken. Maar ook hoe ze hun personeel moesten trainen om op een klantvriendelijker manier met de klanten om te gaan, zodat men hierdoor meer ging verkopen. Na ongeveer anderhalf jaar merkten we dat we de energie misten om hiermee verder te gaan en hebben we besloten dat we allebei onze eigen weg moesten gaan volgen. Mijn vader is zowaar gaan studeren waardoor hij een baan bij de politie kreeg. Ikzelf ben bij een groothandel in groenten gaan werken.

Hier ben ik er pas daadwerkelijk achter gekomen dat ik meer voelde dan dat anderen deden. Ik ging maar voor een paar uurtjes per week bij de groothandel in groenten aan de slag, gewoon om iets te doen te hebben. Ik had financieel nog een buffer van de verkochte zaak en had een appartement gekocht, waarvan de hypotheek laag was. Na een paar keer gewerkt te hebben bij de groothandel zag ik dat er naar mijn gevoel dingen niet klopten. Het personeel liep te voetballen in de zaak als de baas er niet was en er werden veel fouten gemaakt in de bestellingen omdat ze er met hun aandacht niet bij waren. Een oude groentebaas die zelf zijn producten uitzocht werd boos op de baas omdat hij uiteindelijk producten had gekregen die kwalitatief gezien niet goed waren. Hij riep één van de medewerkers die toevallig bij hem in de buurt stond en deelde aan de baas mee dat hij de bestelling maar bij elkaar moest rapen, zodat ze dat meteen na konden kijken. De arme collega deed wat er gevraagd werd en begon de dozen met diverse fruitsoorten bij elkaar te zetten. Bij de eerste doos met appels ging het al meteen mis. De oude groenteman pakte willekeurig een paar appels uit de doos en legde ze op de balie. “Wat zijn dit voor appels?” vroeg hij aan mijn collega. “Zoals u heeft besteld meneer, Elstars.” “Elstars?” vervolgde de oude baas. “Dit zijn oude appels ik wil verse dat staat toch op de bon?” Hoeveel pech kun je hebben, de appels bleken aan de achterkant rot te zijn. De oude groente man keek mijn baas aan zei: “Dit is wat ik bedoel, ze weten er niks van.”

Mijn baas, een alleraardigste man trouwens, kreeg dezelfde kleur in zijn gezicht als de tomaten die hij verkocht. Hij wist niet wat hij moest zeggen. Ik voelde de drang in mij opkomen, om zowel mijn collega als mijn baas wat lucht te geven, waarop ik besloot naar voren te stappen. Ik stelde de oude groenteman voor, om vanaf dat moment samen met hem de bestelling te gaan doen en hem dan aan te laten wijzen naar welke kwaliteit hij precies op zoek was. Ook deed ik het aanbod om desnoods in mijn eigen tijd dit te komen doen. De man keek mij aan en op een horkerige manier gromde hij: “Wie ben jij nu weer?” Ik nam de oude baas niet letterlijk op zijn woorden en stelde mezelf voor. Mijn baas zag wat ik deed en ging er bij de oude zeurpiet op door. Vanaf nu doet alleen Ronald uw bestellingen.

Ik voegde er nog aan toe dat mocht er onverhoopt iets niet goed zijn, ik het persoonlijk bij hem om zou ruilen. De oude baas, die er altijd voor zorgde dat bij zijn binnenkomst iedereen wegvluchtte, stemde knikkend akkoord. Door de opgedane mensenkennis wist ik goed met hem om te gaan. Het duurde ook niet lang of ik had bij hem zijn passie voor het vak weer aangewakkerd. Ik stelde hem vragen over groente en fruit en vroeg hem waarom hij perse juist die betreffende kist met appels wilde. Hij ging helemaal los en bleef vertellen. Ik was soms wel drie uur met hem bezig, maar zoals mijn baas later vertelde: “Je hebt die ouwe zeurpiet weer tot leven gewekt.”

De oude baas vertelde over welke rijpheid hij wilde hebben voor zijn producten en net als met het scannen van mensen, leerde ik hoe ik dit ook bij groente en fruit moest doen. Ik voelde aan of het product geschikt was voor hem. Pakte een doos en liet deze aan hem zien. Na verloop van tijd kreeg hij vertrouwen in mij en mocht ik zowaar, zonder dat hij zelf aanwezig was, de bestelling klaarzetten.

Dit bleef niet onopgemerkt en voor ik het wist werd ik voor nog een aantal andere groenteboeren ook de order Picker.

 

Mijn baas had het druk en steeds vaker vroeg hij aan mij, of ik nog een uurtje wilde blijven. Hij noemde mij op een gegeven moment ‘de groenten fluisteraar’.

Ik moest op een gegeven moment zelfs mee naar veilingen om te kijken of een bepaalde partij wel voldeed aan de juiste kwaliteit. Fysiek was het echter zeer zwaar werk. De hele dag sjouwde ik met kisten waarvan het gewicht kon oplopen tot 25 kilo. Binnen drie maanden werd ik benoemd tot bedrijfsleider en kreeg ik een vast contract aangeboden. Ondanks dat het werk me goed afging, heeft het nooit mijn volledige interesse gehad. Ik miste de vrijheid die ik had toen ik zelfstandig ondernemer was. Ook het leidinggeven aan een groep ongeïnteresseerde studenten was niet altijd een leuke aangelegenheid.

 

Na ongeveer een jaar stond mijn leven weer op het punt om omgegooid te worden.

Op een dag was ik, omdat we ons zorgen maakten, samen met mijn (stief)vader naar het huis van mijn lieve oma gegaan, waar we haar door het raam zagen, liggend op de grond in de keuken. Dit moment, zou het moment worden dat niets ooit nog hetzelfde zou zijn als daarvoor. Nadat we de deur hadden geforceerd en bij haar aankwamen zagen we dat het goed mis was. Direct hebben we 112 gebeld die snel ter plekke waren. Ook andere familieleden werden gebeld en men spoedde zich naar het ouderlijk huis. Terwijl de broeders bezig waren met oma en ze nog een beetje bij kennis was, kwamen ze er al snel achter dat ze waarschijnlijk door een beroerte was getroffen. De inmiddels gearriveerde familieleden hielden zich op in de woonkamer. Ik stond wat verloren in de deuropening van de keuken die aan de hal grensde. De broeders vroegen met luidde stem aan mijn oma wat haar naam was en of ze wist welke dag het was. Ze brabbelde heel zachtjes iets onverstaanbaars.

 

Opeens leek het of ik weggetrokken werd uit de situatie, de ruimte werd heel anders. Het leek alsof alles transparant werd en ik door de muren heen kon kijken. Het voelde of ik boven mezelf hing. Ik weet nog dat ik een beetje duizelig en draaierig werd. Totdat ik vanuit deze ruimtelijkheid ineens haar stem hoorde. Ik begreep werkelijk niets van wat er gebeurde. Ze lag voor mij op de grond in de keuken, maar ik hoorde haar stem in mijn hoofd. Ik voelde haar ook in mij.

En daar bedoel ík mee, dat ik niet meer voelde als ík, maar meer als een energieveld dat niet gebonden was aan een fysiek lichaam.

Jaren hiervoor had zij bij mij gezeten aan mijn ziekenhuisbed nadat ik een aantal toevallen gekregen had. Destijds werden deze toevallen toeschreven aan te veel stress en te hard werken. Achteraf gezien, weet ik dat het een proces is geweest waarin ik werd voorbereid om het werk te gaan doen wat ik nu doe.

Mijn hersenen moesten letterlijk een aanpassing ondergaan en er werden nieuwe verbindingen aangelegd. Maar nu stond ik bij haar en was zij degene die getroffen was door een toeval. Opnieuw hoorde ik haar stem. "Ga maar naar binnen en als ze vragen hoe het gaat, vertel dan de waarheid. Deze waarheid is dat mijn tijd erop zit. Zeg maar dat ik niet meer beter word en dat het alleen maar achteruit zal gaan en ik in het ziekenhuis mijn ogen niet meer open zal doen".

Als verslagen van de informatie die ik hoorde ben ik naar de huiskamer gelopen. Waarom ze naar mij toekwamen om te vragen hoe het met haar ging, was voor mij een raadsel. Ik heb in mijn eigen bewoording aangegeven dat ik dacht dat het er niet goed uitzag en bang was dat ze niet meer naar huis zou komen.

Net als de andere familieleden ben ik eveneens naar het ziekenhuis afgereisd, maar ben niet verder gekomen dan de daarvoor bestemde familieruimte waar iedereen zich verzameld had. Ik voelde dat ik niet het beeld van mijn lieve oma in een ziekenhuisbed en de toestand waarin zij was wilde hebben.

Ik ben naar huis gegaan en weet nog dat ik een heel raar gevoel over me heen had. Er heerste een soort van doodse stilte in mezelf. Zoals ze mij verteld had is ze niet meer naar huis gekomen en heeft ze haar ogen ook niet meer open gedaan. Drie dagen later overleed ze in het ziekenhuis. Tijdens haar afscheid werd ik weer overvallen door haar liefde zoals ik dat nu graag noem.

Ik liep, aan het einde van haar indrukwekkende dienst, langs haar kist.

Op dat moment voelde ik haar zo sterk door me heen gaan, waarop ik terstond door mijn benen zakte en heel hard en ongecontroleerd begon te huilen.

Er maakte een leegte plaats in mezelf en niets vond ik meer leuk.

 

Nadat ik had besloten dat het tijd werd voor een nieuwe uitdaging, ben ik weer samen met mijn oude vertrouwde werkpartner ‘mijn vader’, op zoek gegaan naar een horecagelegenheid. Ditmaal hadden we onze zinnen op een hotel in Valkenburg gezet. Niet het Valkenburg met de ontspannende vliegtuigmotoren, maar het Valkenburg aan de Geul in het zuiden van Limburg. We hadden een afspraak gemaakt om het hotel te kunnen bezichtigen, maar die werd een dag van te voren afgezegd met de mededeling dat het verkocht was. Ik geloofde er niets van. Ik dacht toch echt dat wij deze zouden gaan exploiteren. Maar goed het was verkocht. Na verder te zoeken op het internet zagen we een leuk hotel in Duitsland. Wij erheen een prachtig hotel maar mijn vader deed vreemd. Hij was niet zichzelf. We besloten om dit maar niet te doen en verder te gaan zoeken.

Een paar dagen later belde mijn vader mij op met de mededeling dat hij had gezien dat de advertentie van het hotel in Valkenburg er opnieuw was opgezet. We hebben meteen gebeld om een nieuwe afspraak in te plannen.

Bij aankomst zag het er allemaal wat kleiner uit dan dat we gedacht hadden. Nadat we de verkopers de hand hadden geschud, deelden zij mede, dat de kijkers voor ons het al gekocht hadden en dat het hun speet dat we voor niets waren gekomen. Maar ik voelde dat ik hier een belangrijk stuk van mijn leven ging neerzetten. Na wat aandringen kregen we toch een beknopte rondleiding.

De verkopers waren twee compagnons die in mijn gevoel niet op één lijn zaten. Mijn vader en ik werkten in dergelijke situaties als een hecht team. We hoefden geen woord te wisselen, maar wisten precies wat we aan het doen waren en waar we naartoe wilden. We waren benieuwd naar het verkoopbedrag en vroegen voor hoeveel de bezoekers voor ons het gekocht hadden. De man gaf eerlijk antwoord en deelde mee dat ze iets onder de vraagprijs waren uitgekomen. Ik voelde bij de andere man aan dat er een ‘maar’ in zat. Op de ‘maar’ die ik voelde haakte ik in, door te vragen of de kopers het geld wel tot hun beschikking hadden.

Ik kreeg als antwoord dat men twee weken had om de financiering rond te krijgen en dit altijd wat tijd in beslag nam. Hieruit kon ik concluderen dat het hotel nog niet verkocht was. Ik stond op, keek de man met de ‘maar’ in de ogen aan en stelde voor, om aandachtig te luisteren naar mijn voorstel. Ik gaf aan dat ik er vrede mee zou hebben als het na mijn voorstel ‘nee’ zou blijven. Mijn voorstel was om de vraagprijs te betalen en deze voor het einde van die week over te maken.

Ik zag de mannen twijfelen en het hing aan een zijden draadje.

Gelukkig beschikte mijn vader over een gezonde dosis humor en heeft de twee mannen aan het lachen gebracht. Na nog wat heen en weer gepraat vroegen de heren of ze een momentje kregen om het met z’n tweeën te kunnen bespreken. Op dat moment maakte mijn hart een sprongetje. Ik wist het! Ze gingen akkoord. En inderdaad ze gingen akkoord en de deal was gesloten.

 

Maar toen de praktische kant.

Ik zou zelf in het privégedeelte van het hotel gaan wonen. Mijn vader en toenmalige partner zouden spoedig volgen. Omdat de koop door mij geregeld werd, kwam ook alleen mijn handtekening onder de contracten te staan.

Mijn leven kwam nu in een stroomversnelling terecht. Inmiddels bleek ook dat alle benodigde vergunningen voor het hotel verlopen waren, dus moesten deze opnieuw worden aangevraagd. Pas drie maanden later werden ze na flink aandringen verleend. De buurvrouw die naast het hotel woonde bleek de betreffende ambtenaar te zijn die goedkeuring moest geven. Blijkbaar had ze daar geen haast mee en tijdens een gesprek met haar, schoof ze dit ook niet onder stoelen of banken. Later is het allemaal goed gekomen en hebben we een prima burenrelatie gehad die louter uit goedendag of hallo bestond.

Samen met mijn vader en de hulp van een paar goede vrienden en familieleden hebben we drie maanden keihard gewerkt om het hotel gereed te maken voor haar heropening. Nadat ik mijn baan had opgezegd, liepen bij mij de spanningen behoorlijk op. Ik voelde weer een boosheid groeien, omdat er niets klopte aan zo’n beetje alles wat er gebeurde of waar ik mee bezig was. Maar er was geen weg meer terug. Al mijn geld had ik er ingestopt, omdat ik erin geloofde. Ik wist dat ik het moest doen. Mijn vader zag dat ik een beetje door aan het draaien was en vroeg: “Waarom ga je niet een keer naar een helderziende?”

Ik wist dat hij daar voorheen wel eens naartoe ging en met mooie verhalen terugkwam. De man bleek nogal een markant figuur te zijn. Maar ik had werkelijk geen idee wat een helderziende was. Ik had er in mijn leven verder nooit bij stilgestaan en wist niet wat het inhield en wat ik er van kon verwachten.

Ik dacht altijd dat het een beetje ‘hocus pocus’ was en dat het riekte naar oplichting. (Later hoorde ik van mijn moeder dat ik als kind al bijzondere dingen zei, of voorspellende vertellingen deed. Maar ook toen rustte er een taboe op en werd er verder niet over gesproken). Omdat ik toch wel vast begon te lopen en de verkoop van het huis en de relatie met mijn ex alsmaar heftiger en dreigender werd, besloot ik toch een afspraak te maken. Ik kan mij nog herinneren dat ik in de auto het nummer wat ik van mijn vader had gekregen belde.

Toen de man opnam leek het wel of hij precies wist waarvoor ik belde. “Ja kom hier naartoe en neem foto’s mee”, hoorde ik nog voordat hij de verbinding verbrak. Op naar Den Haag, waarbij ik me de rit nog scherp voor de geest kan halen. Ik had een cd op en draaide non-stop het liedje van de Eagles; There’s a new kid in town.

 

Eenmaal bij de helderziende aangekomen, keek ik deze vreemde man aan, maar moest ook lachen en hij ook. Alsof we elkaar al jaren kenden. “Wat kom je doen?” vroeg hij. “Je kunt het toch prima zelf!” Ik wist niet waar hij het over had.

Hij wist te vertellen dat ik in de horeca zou gaan en dat mijn huis binnen 100 dagen verkocht zou zijn, voor de prijs die ik ervoor wilde hebben. Na drie uur binnen te hebben gezeten ben ik in een soort roes weggereden. Wat een heerlijke energie hing er in dat huis en wat was dit een echt gesprek. Geen enkele onrust of ‘hocus pocus’ heb ik waargenomen. Zo gebeurde het dat de meneer in Den Haag het goed gezien had, binnen 100 dagen werd het appartement in Leiden verkocht voor de prijs die ik ervoor wilde hebben. Zonder dat ik er op dat moment erg in had reed ik een maand later voor de laatste keer weg uit de stad die mij zoveel moois gegeven had.

 

 

 

 

Het begin en het einde

Het hotel ging open en de boekingen stroomden binnen. Busladingen vol met ‘dagjesmensen’ bezochten het toeristische Valkenburg aan de Geul.

De zaken gingen goed. Ik ging mij steeds meer interesseren voor alles wat met spiritualiteit te maken had. Engelen, Aardsengelen, Meesters, enzovoort.

Alles kwam voorbij, maar het was nooit echt sluitend in mijn gevoel.

Er moest nog iets zijn waar ik niets over kon lezen. Pas jaren later ontdekte ik wat dit was. Het hotelwezen was hard werken, maar ik begon ook meer te voelen. Aan hotelgasten vertelde ik in gesprekken dingen over hen die ik niet kon weten. Doordat ik steeds meer ging voelen en zien raakte ik een beetje vermoeid en ging achter de feiten aanlopen.

 

Mijn vader, waarmee ik samen het hotel zou aan runnen, was na een jaar nog steeds niet naar het zuiden verhuisd. Hij had nog altijd zijn baan bij de politie behouden en kwam alleen in de weekenden. Mede hierdoor kwamen de plannen die we met het hotel hadden niet van de grond. Simpelweg, omdat ik er de tijd niet voor had. In de ochtend het ontbijt doen en in de avond leuk doen in de bar. Zeven dagen in de week was ik in de weer. Na een aantal gesprekken heb ik tegen mijn vader gezegd, “of jullie komen nu snel deze kant op, of ik ga op zoek naar andere mogelijkheden”. Na nog een half jaar was het zover en ook hij verhuisde naar het mooie zuiden. Vol goede moed gingen we aan de slag, maar ik merkte dat ik over mijn grenzen was gegaan en totaal geen inspiratie meer had.

Ik ging wel steeds meer consulten aan mensen geven. Daar kreeg ik nog wel energie van. Het toerisme liep sterk terug in die tijd en de bussen vol dagjesmensen bleven weg, waardoor het hard zwoegen werd, om alle rekeningen te kunnen betalen. Dit was niet wat ik me ervan voor had gesteld.

 

In deze periode kwam er op een dag een vrouw het hotel binnen die bij ons een kamer had geboekt. Ik voelde bij haar dezelfde energie die ik destijds bij de helderziende in Den Haag gevoeld had. We keken elkaar diep in de ogen aan en het leek, of er een universum open ging. “Zo, dus daarom moest ik hier naartoe komen”, zei ze terwijl we elkaar aan bleven kijken. Het was niet alleen een mooi gevoel, want tegelijkertijd voelde ik ook angst omhoog komen. Alsof ik op mijn hoede moest blijven voor deze mysterieuze vrouw. Nadat ik haar had ingecheckt en de kamer had gewezen kwam ze een kopje thee drinken. Ze zag de foldertjes die op tafel lagen, waarin stond vermeld dat er binnenkort weer een spirituele avond zou zijn met een Medium. Ik was het Medium voor de betreffende avond toen niet. Ik verhuurde de zaal aan een vrouw die bloemenseance avonden verzorgde en een ruimte hiervoor zocht.

“Je bent al met spiritualiteit bezig zie ik”, merkte ze op. Ik antwoordde bevestigend, terwijl ik het kopje thee voor haar neerzette. Ze vroeg vervolgens of ik even tijd had om bij haar te komen zitten, waarop ik zonder te aarzelen aanschoof. Ik begon haar te vertellen wat ik deed wanneer er mensen bij mij kwamen voor een consult. Als voorbeeld gaf ik een voorval van een aantal maanden terug, toen er een stel was gekomen die voor het weekend een kamer had geboekt. Op het moment dat de vrouw voor me kwam staan om in te checken, zag ik een oude vrouw naast haar staan die niet wilde dat ze zich inschreef. Ik wist niet zo goed wat ik hier mee moest en vroeg haar of ze een oude vrouw kende die, zoals ik het aanvoelde, weleens haar moeder kon zijn en niet wilde dat ze hier het weekend zouden zijn. De vrouw liet de pen vallen en keek me doordringend aan. Zonder dat ik besefte wat er uit mijn mond kwam, vertelde ik dat haar moeder op haar aan het wachten was en dat er weinig tijd meer zou zijn. De vrouw brak in tranen uit en haar man, die naast haar was komen staan om haar te steunen, vertelde dat haar moeder opgenomen was in het ziekenhuis. De artsen en familieleden hadden geadviseerd om er toch even een weekendje tussenuit te gaan, dat hadden ze wel verdiend. Ik zag de oude vrouw nog steeds in mijn geestesoog en voelde de liefde die ze had voor haar dochter. Ik vond het een moeilijke situatie en besloot het volgende: “Ga naar huis en naar het ziekenhuis en kom terug wanneer jullie willen. We plannen een andere datum in en dit kost jullie verder niets.” De vrouw was verslagen en zei niet veel meer.

Laat op de avond, het zal tegen elf uur zijn geweest, ging de telefoon en tot mijn schrik hoorde ik aan de andere kant van de lijn een stem die ik meteen herkende. Het was de vrouw die ik diezelfde middag naar huis had gestuurd. Ze belde om mij te bedanken. Ze waren ’s middags bij het ziekenhuis aangekomen en nadat ze een uurtje bij haar moeder hadden gezeten, was ze vredig ingeslapen. De vrouw was zo dankbaar dat ik haar naar huis had gestuurd. Ik had kippenvel van top tot teen en voelde de energie van haar overleden moeder door me heen stromen.

 

De vrouw tegenover me had aandachtig naar mijn verhaal geluisterd en vroeg of ik wist hoe deze informatie tot mij kwam. “Het is er gewoon”, antwoordde ik. “Néé”, schreeuwde ze bijna, “je moet kunnen onderscheiden waar de informatie vandaan komt! Ten alle tijden!” Ze vroeg me opeens of ik wist dat er een oude dame bij mij was. Ik begreep meteen wie ze bedoelde en vertelde haar dat deze oude dame mijn oma was. Ik vertelde dat ik haar aanwezigheid altijd naast me voelde. “Dus je weet wel waar je informatie vandaan krijgt?” Was haar onmiddellijke reactie.

Ik had er nooit zo over nagedacht maar daar had ze een punt. Uren en dagen hebben we gesproken. Er ontstond een diep contact tussen deze mystica en mijzelf. Ze leerde me op een zeer confronterende manier naar mezelf kijken.

En dat was niet altijd leuk of, laat staan, gemakkelijk. Veel oud zeer kwam er aan de oppervlakte en werd onthecht. Ik voelde steeds minder passie voor het hotel. Het werd ook steeds lastiger om aan alle betalingen te voldoen.

De wintermaanden waren stil en de buffer die er tijdens de zomermaanden werd verworven, waren te schamel om goed het jaar af te kunnen ronden.

Ook aan mijn vader merkte ik dat hij het niet naar zijn zin had. We werkten te veel en te hard, maar de voldoening was er niet. Daarentegen werd het contact met de mystica steeds sterker en ik ging veel meer zien, voelen, horen en zelfs ruiken. Ze leerde me een goede les, deze hield in dat "paranormaal" zijn, niet veel te maken hoeft te hebben met het wel of niet bewust zijn van jezelf en de wereld. Ik ging steeds meer toevoegingen doen tijdens de consulten die ik gaf.

Het is leuk om van iemand te horen dat je huis binnen 100 dagen verkocht wordt, maar wat heb je er feitelijk aan. Je steekt er niets werkelijks van op.

Ik leerde om steeds dieper te gaan. En ook steeds meer hoe ik alle energieën die waarnam kon onderscheiden. Het duiden van energie is niet moeilijk, maar het zo kanaliseren dat het bij de ander over wie het gaat, een transformatie proces op gang brengt, was veel mooier om te zien.

 

Het contact met de mystica ging veranderen we kregen steeds vaker heftige conflicten met elkaar. Ze wilde me gaan sturen en dat voelde voor mij niet goed. Ook mijn vader gaf te kennen dat hij op zoek was naar een baan waarin hij niet zo hard meer hoefde te werken en meer tijd voor zijn gezin zou hebben. Ik voelde mij in de steek gelaten. En de financiële druk werd steeds groter.

Op een dag in het vroege voorjaar gebeurde het dat ik het terras opende en er drie dames op leeftijd plaatsnamen. Ze bestelden alle drie een kopje koffie die ik keurig bracht. Het eerste verzoek van één van de dames was, of ik voor haar een extra zakje suiker had. Ze was nogal een zoetekauw voegde ze eraan toe.

Nadat ik de suiker gehaald had, pakte dame twee mijn arm vast en vroeg of ik voor haar een extra cupje melk had. Ze hield niet zo van sterke koffie. Enfin, ik weer naar binnen en haalde een extra cupje melk voor de dame.

Vervolgens presteerde de derde dame het om te vragen, of ik voor haar hetzelfde koekje had als haar vriendinnen. De koekjes van de anderen waren lekkerder dan die bij haar op het schoteltje was beland uit de doos met assortiment koekjes. Zonder iets te laten merken en keurig in mijn rol blijvend, gaf ik gehoor aan de vraag en liep weer naar binnen om een ander koekje te gaan halen. Nadat de dames vroegen om de rekening begon het pas echt. Ze wilden graag alle drie apart afrekenen en deden dit alle drie met een vijftig euro biljet, waardoor ik de rest van de dag door mijn wisselgeld heen was. Ik ben heel bewust vriendelijk gebleven en toen de dames van het terras liepen, heb ik de deuren van het hotel gesloten, om ze vervolgens nooit meer als eigenaar open te doen.

 

Drie horeca makelaars heb ik erop gezet. Maar uiteindelijk heb ik het hotel zelf binnen een maand aan iemand verkocht. Alles wat ik erin had gestopt was weg en ikzelf was uitgeblust. Het enige wat ik nog in m’n portemonnee had was een halve cent die ik van mijn oude vriend uit Den Haag gekregen had.

Deze man was een aantal jaren geleden verschenen op het terras, omdat hij als vervend kunstliefhebber de Tefaf in Maastricht bezocht had en op de terugweg besloten had nog een wandeling te gaan maken in de omgeving van Valkenburg. Mijn vader deed die dag het terraswerk en kwam naar de keuken om te vertellen dat er wel een heel aparte man op het terras zat. Ik moest maar eens gaan kijken. Toen ik naar buiten het terras op liep en de oude statige heer zag zitten wist ik genoeg. Mijn vader had niets verkeerds gezegd.

“Goedemiddag meneer”, zei ik. “Dag jongeman”, was zijn antwoord terug. Voor we het wisten raakten we aan de praat en uren achtereen hebben we zitten praten, alsof we elkaar al jaren kende. Hij wilde graag wat meer van het hotel zien en ik besloot hem een ‘grande tour’ te geven. Nadat wij bij het privé gedeelte naar binnen waren gestapt, bleef de man opeens stokstijf staan. Ik vroeg hem wat er scheelde, waarop hij naar de tafel wees, waar ik de avond ervoor wat had zitten tekenen. Ik had een herenpand getekend, omdat het een wens was om ooit in zo’n oud pand te mogen wonen.

Hij zei: “Dat is míjn huis!” Pakte vervolgens zijn portemonnee uit zijn broekzak, haalde er een papiertje uit en vouwde het open. Tot mijn verbazing zag ik op het papiertje een afbeelding, waarop een huis stond, dat precies het huis was, wat ik de avond ervoor getekend had. Tot op de dag van vandaag heb ik deze afbeelding nog in mijn portemonnee zitten. We waren in één klap vrienden voor het leven. Een week nadat wij elkaar ontmoet hadden lag er een brief van mijn nieuwe vriend in de bus. In deze brief vertelde hij over van alles en nog wat, maar ook hoe bijzonder hij onze ontmoeting gevonden had. Ik besloot hem terug te schrijven en met zijn stem in mijn hoofd begon ik aan mijn eerste brief.

De briefwisseling die er ontstond was bijzonder. We deelden onze bevindingen over het leven, spraken over kunst en de zingeving van het leven. Je kunt stellen dat voor mij hier de eerste kinderstapjes naar het schrijverschap toen genomen zijn.

 

Na alle rompslomp rondom de beëindiging van het hotel, was ik zo ontzettend moe. Mijn goede vriend nodigde mij om die reden uit, om een aantal dagen bij hem te komen logeren. Zo kon ik wat op krachten komen en samen met hem wat musea bezoeken. Eenmaal bij hem, zorgde een zware griep ervoor dat ik niet het allerbeste gezelschap was. Maar ik werd goed verzorgd en toen ik na een paar dagen wegging kreeg ik van hem een halve cent van Wilhelmina. Ik kan me niet meer herinneren wat het verhaal hierachter was. Maar het maakte niets meer uit. Ik was vrij! Ik kon opnieuw beginnen.

 

 

Het bewuste pad

Binnen een jaar verhuisde ik naar Drenthe, waar ik kon herstellen van een Burn-out. Mijn vrouw en ik hadden samen besloten om een hondje uit het asiel op te gaan halen. Bij het asiel aangekomen, werden we naar een hok geleid, waar achterin een Beagle stond die ons angstig aankeek. “Ze is een beetje bang en komt niet naar je toe”, vertelde de vrouw van het asiel. Dit intrigeerde mij en ik ging voor het hok op de grond zitten, keek rustig naar de hond en begon rustig te praten. Heel voorzichtig kwam ze steeds een stukje dichterbij. Na een paar minuten waren de ijzeren tralies van het hok, het enige wat ons scheidde.

De diepe innerlijke stilte heb ik dankzij deze lieve hond teruggevonden.

We lagen uren samen te slapen op de bank. De ademhaling van de hond bracht mij rust en samen wandelden we bijna dagelijks door de natuur. Onvoorwaardelijk bleef ze aan mijn zijde.

 

Ik begon te veranderen. Er kwam een proces op gang. Eerst heel subtiel maar het werd met de weken en maanden sterker. Ik kreeg hevige spier- en zenuwpijnen. Mijn lichaam stond soms in de brand. Tenminste, zo voelde het.

Ik kreeg voorspellende visioenen en voelde een energie door me heen gaan die ik nog niet eerder gevoeld had. Later zou ik deze klachten toeschrijven aan het Kundalini-proces. Zonder de onvoorwaardelijk steun en ruimte die mijn lieve vrouw mij gegeven heeft in deze periode, weet ik niet of ik het gered zou hebben. De hoofdpijnen die ik drie tot vier keer week had, waren van dien aard dat ik er depressief van werd. Ik zag nergens meer het nut van in. Wat moest en deed ik op deze wereld? Ik raakte in een soort van identiteitscrisis en wist niet meer wie ik was. Maandenlang ging ik vanuit het bed de bank op, om vervolgens in de avond weer naar bed toe te gaan. Het engelengeduld wat mijn vrouw had en nog heeft, is een geschenk uit de hemel. Zonder te klagen, want dat deed ik al, hielp ze mij waar ze kon. Ze bracht mij overal naartoe, omdat ik dacht dat de oplossingen buiten mezelf te vinden waren. Ik raakte in de war en kon niet meer helder nadenken. Ik wist niet meer of dingen vorige week of vorige maand gebeurd waren. Werken kon ik niet omdat mijn fysieke toestand dusdanig was, zodat ik alleen maar kon liggen of zitten. Hooguit een stukje wandelen met de hond.

 

Na een periode van een aantal maanden gebeurde er iets bijzonders: Tijdens een zeer heldere droom werd ik meegenomen naar een onstoffelijke plek en daar zag ik een groep mensen zitten aan een grote onyx tafel. Toen ik in de tafel keek zag ik allemaal beelden en gebeurtenissen die zich in het verleden hadden afgespeeld, of in de toekomst plaats zouden gaan vinden. De meest mooie kleuren zag ik daar en ik zag mijn oma zitten aan die grote tafel. Ik voelde haar liefde door mij heen stromen. Ook werd er door haar en anderen aan me uitgelegd wat er allemaal met mij gebeurde. Het proces, zoals het genoemd werd, was nu volledig geactiveerd. Het proces zou in aardse jaren zo’n zeven jaar duren, maar de krachtige energie zou mij altijd blijven onderwijzen. Als ik de verkeerde beslissingen zou nemen en niet goed zou luisteren naar mijn innerlijk leiding, dan zou mijn fysieke lichaam hierop reageren. Met de inmiddels de bekende hoofdpijnen en spier- en zenuwklachten. Ik zou ook spoedig iets ervaren waardoor ik dit alles zou begrijpen, beter gezegd, zou weten wat er bedoeld werd. Zo gebeurde het dat ik weer eens op de bank lag met de hond bovenop mij.

Ik voelde die nieuwe energie heel sterk opkomen. Het voelde als een soort van verliefdheid. Ik luisterde naar de hond, die rustig lag te ademen, waardoor ik nog rustiger werd. De druk die al maanden in mijn hoofd en lichaam aanwezig was werd minder en het leek alsof ik steeds dieper in de bank wegzakte. Ik heb veel gemediteerd in die periode, maar daar had dit niets mee te maken.

Dit was iets anders. Mijn geest werd steeds helderder en in een glimp zag ik de grote tafel met daaraan mijn oma die naar me glimlachte. Maar ik was niet in een droomstaat, ik was gewoon thuis op de bank. De hond deed haar kop omhoog, alsof ze iets opmerkte en keek naar mij. Toen ik in haar ogen keek zag ik wie ze was. We kenden elkaar al heel lang. Alsof ik in de ziel van dit prachtige wezen kon kijken. Een lik over mijn neus was blijkbaar haar manier om te zeggen: “Ik weet het ook”. Ik wist nu dat ik nooit meer het contact met deze energie kwijt zou raken. Zonder na te denken kwam er informatie binnen. Zo helder en duidelijk, hier kon ik volledig op vertrouwen. Deze innerlijke gids liet mij zien dat waar ik zo mee aan het worstelen was, niets anders was dan het gevecht wat tegen mezelf voerde. Oude overtuigingen en angsten wilde ik in stand houden.

 

Vanuit deze opkomende helderheid keek ik anders naar mezelf en naar de wereld. Ik zag in alles de energie stromen die nu door mij heen stroomde.

De diepe innerlijke rust groeide met de dag. Ik zag steeds meer in hoe mijn brein met alle gewoontes en patronen in elkaar stak. Ik had zo mechanisch geleefd. Volledig gebaseerd op oude overtuigingen, tradities en overervingen stond ik als mens in het leven. Tenminste, het leven zoals het voor mijn brein bekend was. Deze nieuwe energie was als een gids die mij de ruimte gaf om hier zonder oordeel naar te kijken. Steeds meer ging ik opmerken dat ik anders ging reageren op situaties en met steeds minder woorden. Ik werd stiller en voelde steeds minder de behoefte om geprikkeld te worden door bijvoorbeeld televisie.

Maar ook in het contact met anderen, zoals vriendschappen, zag ik dat het beeld wat ik van hen had en het beeld wat zij van mij hadden veranderde. Waren het wel vrienden? Of zag ik het nog wel als vriendschap? Bewust heb ik wat afstand genomen. Dit viel niet altijd in goede aarde. Uitleggen kon ik het niet, maar mijn verandering werd niet begrepen en dat wat ik vertelde, paste niet bij het beeld wat ze over mij hadden. Sommige van deze vriendschappen zijn hierdoor tot een einde gekomen en sommigen zijn op een later tijdstip terug in mijn leven gekomen. Wel is de band anders dan voorheen.

 

Ik had nog altijd die vreselijke hoofd- en spierpijnen, maar ook daar kwam langzaamaan wat verandering in. Doordat ik me steeds meer terugtrok en stiller werd, begon deze stille modus wat verlichting te geven en kwam achter de pijn te staan. Misschien wat lastig uit te leggen maar de pijn werd anders. Ik keek naar de pijn in mijn fysieke lichaam en daardoor kwam er wat ruimte. Mijn interesses veranderden ook. Ik werd weer creatiever en begon weer te tekenen en schilderen. Ook ging ik de boeken lezen die mijn interesse hadden. Iets wat ik normaal gesproken nooit deed, ik had er simpelweg nooit het geduld voor. Soms werd deze energie ineens zo sterk dat het leek of ik zou gaan ontploffen of imploderen.

De krachten van deze oer energie die ik voelde zou alles wat niet in mezelf in balans was transformeren. Ik merkte op dat deze energie zich splitste in twee stromingen. Het verschil uitte zich, doordat ik het ene moment heel creatief werd en er een stroom aan nieuwe inzichten en ideeën opkwamen. Het andere moment kon ik opeens een sterke behoefte hebben om me met de wereld te verbinden.

De energie wilde zich versmelten, ik wist alleen niet hoe. Ik ging meer resoneren op de maanstand en dat zorgde ervoor dat ik steeds eerder op ging staan.

De stilte die er in de vroege ochtend is, versterkte de rust die ik voelde. Uren zat ik buiten in de vroege morgen en hoorde en voelde hoe de vogels, de natuur en de mensen de wereld op gang brachten en er een nieuwe dag klaar stond om te beginnen. Los van de oude wereld die ik kende, voelde ik me soms een vreemde. Ik herkende mezelf niet meer als ik in de spiegel keek. Ook mijn lichaam leek niet meer de mijne te zijn. Deze fase van onthechten bracht van alles aan het licht. Oude angsten en onzekerheden kwamen aan de oppervlakte.

Met mijn vrouw aan mijn zijde, zijn we samen door deze fase heen gekomen.

Ook zij begon te veranderen en we hoefden steeds minder tegen elkaar te zeggen. We keken elkaar aan en dat was genoeg. We werden steeds meer één.

 

Ook de natuur ging steeds meer aan me trekken. Ik ging nu een paar keer per dag met de, inmiddels twee, hondjes wandelen. De één naast mij, de ander druk zoekend naar een stok die ik vervolgens weg moest gooien. Als ik in de natuur was, voelde ik altijd een bepaalde aanwezigheid bij me. Ik kreeg er toen niet de vinger achter wat of wie dit was. Ik bruiste van de energie. En voelde mijn hele lichaam tintelen als ik in de natuur was. Ik ging langzamer bewegen en praten, wat veel spanning uit mijn lichaam deed wegvloeien. Nog steeds had ik een bijzonder contact met mijn oude vriend uit Den Haag. We schreven nog steeds brieven aan elkaar. Hij herkende dit proces en hielp mij op zijn manier, hoe ik het beste met sommige dingen om kon gaan. Ook belden we elkaar met enige regelmaat en bezocht ik hem samen met mijn vrouw een paar keer per jaar.

 

Ik merkte dat ik het schrijven steeds leuker begon te vinden. Ik begon te schrijven zonder na te denken waarover ik ging schrijven. Puur de creatieve energie laten stromen, met zo min mogelijk de controle te hebben over wat er op papier kwam. Met name de beschrijvingen over de natuur kwam goed over.

Ik schreef ook mijn ideeën op die binnen kwamen. Schriftjes vol met losse fragmenten, onuitgewerkte ideeën en concepten. Het uitkristalliseren zat er nog niet in, waardoor ik halverwege stopte met het uitwerken van een idee of concept. Een periode lang heb ik zo’n beetje alle spirituele bewegingen, systemen en leraren bekeken, gelezen en gevolgd. Maar ik voelde nooit echt de diepgaande connectie die kon evenaren met deze stroom aan energie die door mij heen ging. Ik ontmoette ook steeds meer gelijkgestemden, zoals ze dat noemen. Deze bleven een tijdje in mijn leven, maar gingen net zo snel weer weg als dat ze gekomen waren. Niet omdat er conflict was, maar ieder bewandelde zijn of haar eigen pad. Alle bewegingen en stromen die ik volgde of waarin ik me had verdiept, zijn van toegevoegde waarde geweest. Alles heeft zijn plek in het gehele plaatje.

Maar ik leerde al snel dat loslaten van een bepaalde vorm, juist datgene teweeg kon brengen, waar ik in eerste instantie naar op zoek was. Ik was op zoek naar het gevoel dat er iets meer moest zijn. Iets dat dieper ging dan ik wist of kon zien. Nog steeds had ik niet de behoefte om te gaan werken. Ik had ook geen flauw idee wat ik wilde gaan doen. Behalve de drang om me meer te gaan verdiepen in het proces wat ik doormaakte bleef aanwezig. Concentreren lukte niet meer en ik wist soms niet meer waarom ik ergens naartoe liep. Er kwam een nieuw gegeven bij en dat waren de black-outs. Ik kon net voor en net na een black-out niet meer logisch nadenken. Mijn hersenen crashten leek het wel. Mijn vrouw stootte mij in het begin nog weleens aan om te vragen waar ik met mijn gedachten zat. Nergens, ik was juist nergens met mijn gedachten. Later liet ze mij gewoon zitten of staan, omdat er tijdens zo’n black-out meer gebeurde dan dat ik me ervan bewust was. Ik merkte op dat ik na een black-out een enorme drive in me naar boven voelde komen, om dan als een dolle te gaan schrijven. In het geschrevene zat vaak veel informatie over mezelf, over waar het proces zich naartoe zou gaan verschuiven en wat ik beter kon gaan vermijden. Ik raakte in een black-out soms zo ver weg dat ik er dagen van ontregeld kon zijn. Ik raakte mijn identiteit kwijt. Ik dacht dat ik dit al eens had ondergaan, maar niets bleek minder waar te zijn. Het proces ging gewoon door net zo lang, totdat ook de laatste overtuigingen, zowel in mijn geest als in mijn lichaam, onthecht zouden zijn. 

Het proces bereikt een hoogtepunt en het ‘ik’ een dieptepunt.

 

Steeds vaker werd ik gebeld door mensen die ik in het verleden een consult had gegeven, met het verzoek of ik even met ze mee wilde kijken. Daar zijn de telefonische consulten die ik tot op de dag van vandaag geef ontstaan. Ik wist toen nog niet waar het naartoe zou gaan en dat het deze vorm zou gaan aannemen. Op een mooie zomerdag gebeurde er iets wat zo’n impact had dat alles in één klap duidelijk zou maken. Ik wist het! Ik wist wat ik wilde gaan doen met de tijd die ik hier op aarde zou zijn. Op die bewuste dag voelde ik een enorme innerlijke drang om de natuur in te gaan. Zonder honden dit keer, ik wilde alleen zijn.

Anders dan normaal, besloot ik een andere route te nemen en ging wandelen op een plek waar ik nog nooit was geweest. Het was al vroeg warm die dag.

Er hing een stilte en de aanwezigheid die ik altijd voelde als ik in de natuur was, voelde sterker en dichterbij dan normaal. Het voelde zo sterk dat het bijna beangstigend werd. Ik had telkens de neiging om achter me te kijken of er iemand liep. Er liep niemand het was uitzonderlijk stil. Ik kwam geen mens tegen. Na een uur gelopen te hebben kwam ik aan bij een door bomen omringd meer. “Tijd om even uit te rusten”, dacht ik, aangezien de temperatuur al aardig opgelopen was. Ik ging op een bankje zitten waarbij ik zo over het meer kon kijken. De grote bomen vonden hun prachtige weerspiegeling in het water dat helemaal stil was. Het leek wel een schilderij van Bob Ross, bedacht ik me nog. Dit was één van mij laatste gedachten. Diep van binnen voelde ik de energie omhoog komen. Op dat moment wist en voelde ik dat ik het moest laten gebeuren. Er was geen stoppen meer aan. Ik zag nog dat de het beeld dat ik zag met mijn fysieke ogen veranderde. Ik kon door de bomen heen kijken alles werd een soort van transparant. Het hele beeld wat ik met mijn ogen zag kwam dichter- en dichterbij. Alles leek naar binnen te gaan, terwijl ik juist voelde dat ik eruit ging. Heel lastig te omschrijven, omdat er niet echt meer door mijn brein geregistreerd werd vanaf dat moment. Hierna volgde een stilte die zich niet laat beschrijven, omdat er geen ik meer aanwezig was. Ik beschrijf dit punt op deze manier omdat ik achteraf gezien een bepaalde tijdspanne in moet vullen. Ik merkte uiteindelijk op dat ik een stem in de verte hoorde. Ik concentreerde me op deze stem en opeens besefte ik, dat ik op een bankje zat.

Verschrikt keek ik naast me omdat ik daar die stem weer hoorde. Er bleek een man naast me te staan die ook had besloten om te gaan wandelen die dag. “Lekker weertje”, hoorde ik hem zeggen. “Ja heerlijk”, heb ik geantwoord.

Ik was totaal van de kaart en vroeg de man of hij wist hoe laat het was. Ik had geen idee waarom ik dit vroeg. Maar toen de man aangaf dat het bijna twaalf uur was, kwam de volgende schok. Ik was al om een uur of zeven gaan wandelen en had ongeveer een uurtje gelopen. Hoe kon het nu al twaalf uur zijn?

Ik vroeg of zijn horloge wel goed liep. En na nog een keer gekeken te hebben, bevestigde hij nogmaals dat het toch echt al twaalf uur was. De man vervolgde zijn weg na goeiendag gezegd te hebben. Ik bleef beduusd nog even zitten, maar voelde me misselijk en verward. Mijn lichaam voelde raar. Het paste niet lekker, alsof ik een te kleine jas en broek aan had. Ik voelde direct weer de druk in mijn hoofd omhoog komen. Ik besloot maar zo snel mogelijk naar huis te gaan. Bij het opstaan moet het geleken hebben of ik dronken was. Met wiebelbenen liep ik weg van het meer. Ik keek nog even achterom, om te kunnen beseffen wat er gebeurd was. Ik was totaal uit tijd en ruimte en volledig versmolten met de natuur geweest. Er was geen ‘ik’ meer dat afgescheiden was van de rest. Of geen ‘ik’ meer die dit altijd dacht. De dagen erna voelde ik me verliefd op het leven. Ik was zo gelukkig en zag overal schoonheid in. Na deze ervaring gebeurde het steeds vaker dat dit soort momenten plaatsvonden. Niet meer zo lang, maar wel steeds frequenter. Ik ging steeds meer vanuit observatie kijken en steeds minder vanuit concentratie. Een uitvoerige beschrijving van dit proces heb ik opgenomen in het boek ‘De Salon Filosoof’.

 

De hoofdpersoon doorleeft een transformatieproces waardoor zijn hele leven veranderd. Veel mensen die het boek gelezen hebben vragen mij, of ik de hoofdpersoon ben. Ik beantwoord deze vraag met ja en nee. Ik heb het boek geschreven vanuit de creatieve stroming, zonder er al te veel over na te denken. Ik heb, om sommige processen duidelijk te vertalen, wel voorbeelden gebruikt die in mij leven hebben plaatsgevonden. Als ik ging schrijven kwam ik in een bepaalde sfeer terecht. Deze sfeer kwam vijf jaar geleden voor het eerst tot mij.

Ik voelde iets borrelen en ben toen voor de laptop gaan zitten. Deze sfeer liet mij een verhaaltje over drie filosofen schrijven. In het oud Nederlands kwam het tot mij. Heel vreemd, maar toen het verhaal klaar was, kwam er weer een weten naar boven. Ik zei toen al tegen mijn vrouw dat hetgeen ik geschreven had later een boek zou gaan worden.

 

Nadat de lieve viervoeter die we uit het asiel hadden gehaald, plots kwam te overlijden werden we met verdriet overmand. Mijn lieve Willemijntje was niet meer. Met haar overlijden voelde ik aan dat het tijd was om voor mezelf op te staan. Er stond weer een nieuwe fase voor de deur. Ik wist dat het er aan zat te komen en dat ons leven, ook mede door de ervaring aan het meer, zou gaan veranderen.

Ik ben toen als Trance-Medium/Helderziende naar buiten getreden en ben begonnen met mijn praktijk. Een nieuw begin. Direct nadat ik was gestart, begon het te stromen en had ik er plezier in. Gepassioneerd gaf ik consulten.

Mijn vader was in Limburg blijven wonen en mijn vrouw en ik woonden in Drenthe. We zagen elkaar niet veel en de hechte band die er altijd tussen ons was, verwaterde een beetje. We belden elkaar wel, maar vooral met de standaardpraatjes, zoals: “Hoe gaat het daar?” “Ja goed, bij jullie?” “Ja, ook goed.” Echte diepgang zat er niet in. Het loskomen was nodig, zodat zowel hij als ik een eigen stukje konden bewandelen.

Na een aantal jaren met plezier te hebben gewerkt en de praktijk, die inmiddels goed liep, kwam er bij ons het verlangen om te gaan verhuizen.

We zijn op zoek gegaan en hebben een aantal huizen bekeken. Het bleek nog niet zo makkelijk te zijn als gedacht. Zo hadden we bijvoorbeeld een mooi pand gevonden waarmee we akkoord gingen en kwam er onverwachts iets tussen waardoor het uiteindelijk niet doorging. En toch voelde ik dat we gingen verhuizen. Misschien moesten we wat verder kijken dan we tot nog toe deden. Maar er kwam niets op ons pad waarvan we konden zeggen: “Ja, dit is ons huis en hier willen we wonen!”

Ook mijn vrouw werd steeds gevoeliger en begon verhalen te schrijven.

Geheel op haar eigen manier is zij "innerlijk kind verhalen" gaan schrijven. Verhalen die troost bieden en waar op een liefdevolle manier levenslessen aan de lezer gebracht worden.

 

Steeds meer kreeg ik mensen in de praktijk, omdat ze verdieping zochten in zichzelf en het leven. Steeds minder ging het om de helderziende voorspellingen. Het coaching gedeelte kreeg steeds meer aandacht en ik zette de helderziende waarnemingen daarvoor in. Daarnaast groeide ook het aantal zakelijke klanten die op zoek waren naar hoe ze hun bedrijf constructief konden laten groeien.

Of als ze op zoek waren naar nieuw personeel dan screende ik deze ook op mijn manier. Het ging er hierin niet om, of een persoon goed of slecht was, maar of de persoonlijkheid en energie zou passen in het team. Door op verschillende manieren mijn diensten in te zetten werd het steeds drukker. Niet erg, zou je zeggen, maar al snel ging mijn lichaam weer ongemakken vertonen en kwamen de hoofd- en spierpijnen weer terug. De balans tussen werken en rust houden is een behoorlijke uitdaging geweest.

Op een gegeven moment belandden we in een juridische erfkwestie. Vreemd genoeg merkte ik hierin op dat ook dit gebied deel van mijn werk uit zou gaan maken. Ik had en heb nog nooit een wetboek in mijn handen gehad. Maar bleek vanuit het helderzien, op mijn manier te kunnen bepalen waar een zaak zich naartoe zou gaan ontwikkelen. Ik heb met advocaten gezeten en heb zaken besproken waar in eerste instantie meerdere uitkomsten mogelijk waren.

Zo benaderde mij op een gegeven moment, een bekende Nederlandse advocaat. Hij liep vast in een zaak en zag geen mogelijkheid meer om hiermee door te gaan. Nadat hij via iemand hoorde dat ik geholpen had bij een geschil, besloot hij mij te contacteren. Ik liet de beste man met nieuwe ogen naar de zaak kijken. Ik stelde hem voor om terug te gaan naar het begin en nu alles te gaan bekijken, zoals hij normaliter gewend was naar dingen te kijken. Vanuit mijn innerlijke leiding voelde ik aan dat het geschil wat er was, opgelost kon worden zonder dat er een rechter aan te pas hoefde te komen. Na een maand of twee werd ik gebeld door een man die vertelde dat hij mijn nummer gekregen had van de desbetreffende advocaat en dat de zaak voor beide de partijen naar tevredenheid was afgerond zonder tussenkomst van de rechter. Vanuit alle lagen van de bevolking kwamen mensen naar me toe. Zelfs bekende Nederlanders.

 

Omdat het al een lange tijd geleden was, dat mijn vader en ik elkaar hadden gezien, besloten mijn vrouw en ik af te reizen naar Limburg om een bezoek te brengen aan mijn vader en diens vrouw. We besloten met het openbaar vervoer te gaan en zouden door hen worden opgehaald bij het station. Na een lange reis vanuit het hoge noorden naar het zuiden van Limburg stonden mijn vader en diens vrouw ons al op te wachten. Ik schrok van de uiterlijke veranderingen bij mijn vader. Hij leek afgevallen en de grijze haren hadden de overhand gekregen. In de rit naar hun huis vertelde hij dat hij zich niet lekker voelde en last van zijn buik had. Buiten dat hij zich niet helemaal goed voelde, hebben we heerlijke dagen bij hen gehad en voelde het echt weer als vanouds. We hebben veel gelachen en hij was zijn humor zeker niet kwijtgeraakt.

Enige tijd na ons bezoek aan hen, belde hij op om te vertellen dat het niet goed met hem ging en dat een darmonderzoek had aangetoond dat er iets niet klopte. Hij had er een slecht gevoel over vertelde hij. Ik heb hem aangespoord om de moed erin te houden. Nadat hij inmiddels was doorgestuurd naar het ziekenhuis en er een onderzoek had plaatsgevonden, hielden wij de adem in. Hopelijk zou het allemaal meevallen en maakten we ons veel te veel zorgen. Binnen een paar dagen werd hij teruggebeld door de arts met het verzoek om naar het ziekenhuis te komen. Het was mis. Men had een grote tumor in zijn darmen gevonden. De schrik toen hij mij met dit bericht belde, was enorm. Eentje die je in een totale verlamming doet zetten. Maar er was nog hoop volgens de arts, al moest de tumor zo snel mogelijk verwijderd worden. Ook wilden ze nog wat andere onderzoeken doen om het zekere voor het onzekere te nemen. De afspraak voor de operatie werd direct ingepland. Hij werd steeds zieker en zelf zag hij het somber in.

Een aantal dagen nadat de onderzoeken hadden plaatsgevonden, werd hij opnieuw gebeld door de arts. Of hij weer naar het ziekenhuis wilde komen.

Ik denk dat hij en zijn vrouw de schrik van hun leven moeten hebben gehad.

De arts had slecht, zeer slecht nieuws te vertellen. Uit de vervolgonderzoeken was gebleken dat er uitzaaiingen waren gevonden in de organen rondom het gebied van de tumor. Hierdoor zag de arts geen mogelijkheid meer om te opereren. Eigenlijk had ze helemaal geen alternatief meer te bieden. Behalve de keuze tussen een chemokuur om het proces te vertragen, of een behandeling om de pijn wat te remmen. Geen van beide zou echt effect hebben. Toen hij mij belde met dit vreselijke nieuws wist ik niet goed wat ik moest zeggen. Wat moet je tegen iemand zeggen in zo’n situatie. De stomme maar ook wel logische vraag die je dan stelt is: “Hoe lang nog?” Het was moeilijk te bevatten dat mijn vader, die eindelijk het geluk en de rust in zijn leven had gevonden, al snel het tijdelijke voor het eeuwige zou gaan verruilen. In rap tempo verslechterde zijn situatie en werd de pijn steeds heviger en ondraaglijker.

Mijn vrouw en ik hielden dagelijks telefonisch contact met zijn vrouw. Tijdens één van deze gesprekken gaf zij aan dat mijn vader het vaak, ondanks de morfine, niet uithield van de pijn en daardoor vaak onrustig was. Hierdoor getriggerd ben ik na dit telefoongesprek in mijn gedachten naar hem toe gegaan, ofwel ik heb mij met hem gekanaliseerd. Ik wilde hem via deze weg naar vogelgeluiden laten luisteren, om hem af te leiden van de pijn en om te kunnen ontspannen. Het was het minste wat ik op dat moment voor hem kon doen. Een aantal dagen later, nadat wij inmiddels weer naar Limburg waren afgereisd, vertelde zijn vrouw dat, terwijl ze naast hem op bed lag, hij had gevraagd of zij ook die mooie vogelgeluiden hoorde. Ook was hij, zo vertelde ze, een stuk rustiger geworden. Het deed mij heel goed dit te horen. Wat ik had beoogd, was gelukt.

 

Het verloop van de ziekte ging ontzettend snel en binnen korte tijd besloot mijn vader dat het genoeg was zo. Er was geen kwaliteit van leven meer en in overleg met de huisarts zou tot palliatieve sedatie worden overgegaan. Hoewel hij ernstig verzwakt was, wilde hij mij persé zelf aan de telefoon vertellen dat de arts diezelfde avond naar hem toe zou komen om hem in slaap te brengen.

Mijn laatste woorden aan hem waren: “Ga maar lekker slapen we zien elkaar wel weer ergens.” De volgende ochtend vroeg, zijn we direct op de trein richting het zuiden gestapt. Maar toen wij aankwamen, lag hij al in een diepe slaap. Die nacht stond ik om 02.00 uur voor het raam naar de volle maan te staren en een doodse stilte viel over mij heen. Ik wist dat het stond te gebeuren. Ik voelde dat de aanwezigheid, van wat wij als mens ‘de dood’ noemen, gekomen was. Mijn vrouw vroeg mij wat er met me was en zei dat ik beter nog even kon gaan liggen.

Ik vertelde haar wat ik waarnam. Nadat ik naast haar was gaan zitten, kwam de vrouw van mijn vader de kamer binnen en vertelde dat mijn vader heel onrustig was en dat ze de verpleegkundige gebeld had. De verpleger arriveerde en mijn vrouw en ik besloten beneden te blijven. Na korte tijd kwam de verpleger naar ons toe om te vertellen dat mijn vader aan het sterven was. Om 03.00 precies overleed hij en het voelde of er een stolp over het huis en ons heen gezet was.

De daaropvolgende dagen hebben wij in een roes ervaren. Er hing naast het verdriet ook een bijzondere energie die alles gek genoeg toch ook mooi en sereen maakte. De dood blijft een abstract fenomeen voor onze mind. Ik geef hier veel aandacht aan in het boek en de cursus. (Of lees mijn nieuwste boek "Dagboek aan mijn overleden vader" die in maart 2021 uit is gekomen)

 

Na een aantal weken gingen wij weer terug naar het zuiden om samen met zijn vrouw, de as van mijn vader op te halen in het crematorium. Een raar gegeven maar het hoort bij het proces. Nu wil het toeval dat, vlak voordat wij naar Limburg wilden vertrekken, ik een berichtje van een klant kreeg die wist dat wij op zoek waren naar een ander huis. Dit berichtje bevatte een paar foto’s van een huis met de vraag, of het niet iets voor ons was, ondanks dat het wel in Limburg lag! We hebben er op dat moment niet veel aandacht aan gegeven, omdat we op het punt stonden om te vertrekken. Mijn vrouw stelde voor om eventueel op de terugweg een kijkje te gaan nemen. “Misschien, we zien wel hoe het loopt”, heb ik haar toen geantwoord.

Hoe het zou gaan lopen hadden we van tevoren niet kunnen bedenken…

Samen met de vrouw van mijn vader gingen we op weg naar het crematorium. Het was bloedheet die dag en het laatste waar mijn hoofd naar stond was, om weer dat vreselijke gebouw binnen te stappen waar we afscheid hadden moeten nemen.

De bizarre gewaarwording dat je vader in een potje zat was moeilijk te relativeren.

Eenmaal weer buiten na het afhandelen van de formaliteiten, gaf de vrouw van mijn vader de urn aan mij, daar zij de auto moest besturen.

Daar zat ik, achterin de auto met de urn op schoot.

Gek genoeg voelde ik zijn energie en wist ik dat hij erbij was.

Die bepaalde serene sfeer kwam weer om ons heen en dat maakte de situatie dankbaar en fijn. Voordat we wegreden, zei de vrouw van mijn vader dat ze een misschien ongewoon voorstel had. Ze vertelde dat mijn vader en zij zomers regelmatig een ijsje gingen eten in Epen als het warm weer was.

En of wij het raar zouden vinden als we daar nu naartoe zouden rijden om een ijsje te gaan eten. “Nee natuurlijk niet”, was onze reactie. De weg er naartoe was prachtig. De natuur en de energie die ik voelde was adembenemend en met dankbaarheid en compassie hield ik de urn stevig vast.

Aangekomen bij de ijskraam, stapten we uit en keken naar het wonderschone landschap. Aan mijn vrouw zag ik dat ze ontroerd was en tranen in haar ogen had. “Wil je hier wonen?” vroeg ik haar. “Ja”, was haar antwoord. “Wat is het hier prachtig!” Nadat we het heerlijke ijsje met warme vruchten en slagroom op hadden stapten we de auto in om mijn vader weer thuis te brengen. Mijn vrouw vroeg uit het niets, of ik het adres van het huis uit het berichtje van de klant bij me had. “Ja, volgens mij wel”, was mijn reactie, waarop ik mijn telefoon pakte om het bericht met het adres op te zoeken. Het adres bleek op de Terpoorterweg in Epen te zijn! We werden even stil. Epen, maar dat was het plaatsje waar we nu waren! We voerden het adres op Google Maps in. Terwijl deze aan het zoeken was naar de kortste route begonnen we al te rijden. Ineens hoorde we de stem vanuit de navigatie zeggen waar we naartoe moesten en al na honderdvijftig meter hoorden we: “Bestemming bereikt!” Een schok ging er door ons heen.

Daar stonden we voor de oprit van wat ons huis zou gaan worden. Soms weet je het. En dat hadden wij nu. Dit is dé plek waar wij wilden wonen.

De toevalligheden die we die dag mochten ervaren hebben ons dankbaar gemaakt. En ik weet zeker dat alles geleid en gestuurd werd en zeker die dag. Zonder enige twijfel wist ik dat het ging lukken, maar al met al heeft het nog een half jaar geduurd voordat we erin konden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het boek

Innerlijk ervoer ik steeds meer ruimte en naast de consulten, kwamen er meer sessies van drie uur. Ik heb deze sessies op een gegeven moment ‘teachings’ genoemd en ben ze als een aparte dienst gaan aanbieden. Tijdens een teaching wordt er veel dieper ingegaan op de materie. Wanneer ik een teaching geef, ga ik in een soort van trance. Het is niet vergelijkbaar met de trance zoals vaak wordt aangeduid in de spirituele wereld. De nieuwe energie die door mij heen stroom komt tijdens een teaching naar voren. Vanuit die energie ga ik kanaliseren en vertaal ik wat ik zie. Het is een onthechtingsproces wat op gang komt. En samen met degene die er dan voor de teaching is, kijken we áchter datgene wat voor ons als mens bekend is. De wereld achter de conditioneringen die we hebben als mens. Vrijheid ontstaat, door in te zien waar je gehecht bent. Dit is veelal door angst, waardoor je niet in staat bent om dingen in je leven te veranderen. We spiegelen elkaar altijd als mens.

Zo werd het steeds drukker in de praktijk en bood ik naast de telefonische consulten en consulten in de praktijk, aan zowel particulieren alsook ondernemers, nu ook ‘teachings’ aan.

 

De natuur heeft ons zoveel te geven, als we maar echt kijken en contact maken met haar. Nadat we verhuisd waren en goed en wel in ons nieuwe huis gesetteld waren, kreeg ik door die nieuwe energie weer een bijzondere ervaring. (Ik blijf het ‘die nieuwe energie’ noemen omdat ik voel dat het niet echt een naam heeft. Het laat zich in feite niet betitelen.) Ik ging op verkenning in onze tuin waar, boven op de heuvel achter het huis, een prachtige walnoten boom staat. Hier was en is de energie zo anders dan bijvoorbeeld aan de voorkant van het huis. Ik merkte op dat ik weer dezelfde aanwezigheid voelde die ik al kende van toen ik drie uur uit tijd en ruimte geweest was. Ik ging zitten met mijn rug tegen de boom en nodigde het uit. Ik kreeg heel veel informatie door. Waaronder dat ik mijn agenda zo leeg mogelijk moest houden. Er stond namelijk iets in de planning wat mijn volledige aandacht zou opeisen. Nadat ik voelde dat deze aanwezigheid zich weer had teruggetrokken, hoorde ik een geluid dat ik al heel lang niet gehoord had.

Er ging een vliegtuig over die hetzelfde geluid produceerde als de vliegtuigen die ik als kind, toen we met het gezin in Valkenburg woonden hoorde. Het hieruit voortvloeiende gevoel, bevestigde voor mij dat er een nieuwe fase voor de deur stond. Toen het huis binnen helemaal naar onze zin was en het ons geaccepteerd had als nieuwe bewoners, was het tijd om uit te rusten en bij te komen van de verhuizing, wat meestal toch wel een proces is. Je neemt afscheid van het oude bekende en probeert je draai te vinden in het nieuwe. Nieuwe beelden, andere omgeving, andere mensen. Ik spreek weleens mensen die verhuizen als een soort van rouwproces ervaren. Het lijkt of men zichzelf een beetje kwijtraakt, doordat de mind het nieuwe op sommige vlakken als onveilig beschouwd. Je huis is je basis en wanneer daar verandering in plaatsvindt kan dat onrust geven. Bij ons in dit geval niet. Wat waren we blij met deze bijzondere plek. Het huis, de tuin, de omgeving, alles leek meer kleur te hebben. Het groen was groener en de lucht blauwer dan elders.

 

Op een avond kwam mijn vrouw naar me toe met de mededeling dat de laptop kuren vertoonde. Hij deed het niet meer volgens haar. Nu ben ik helemaal niet kundig met dit soort dingen, maar ik zou er even naar kijken. Ik merkte op dat het apparaat vol stond en er te weinig ruimte over was op de harde schijf. Hierdoor konden er geen nieuwe updates meer gedownload worden en mede hierdoor, deed hij het niet lekker meer. Grondig ging ik rommel verwijderen van de harde schijf. Toen de map met documenten aan de beurt was, kwam ik een document tegen met de naam: ‘De drie filosofen’. Ik opende het document en begon het te lezen. Direct was die sfeer van toen ik het destijds schreef weer aanwezig. Niet de herkenning van de sfeer die je kunt hebben als je iets terugleest, maar de sfeer van aanwezigheden die direct bij mij binnenkwamen. Sommigen noemen het gidsen, ik noem het de aanwezigheden. Toen ik het gelezen had kreeg ik kippenvel over mijn hele lichaam. Mijn vrouw vroeg of het lukte met de laptop. Hierop antwoordde ik: “Het is tijd.”

“Tijd voor een nieuwe laptop?”, vroeg ze nietsvermoedend.

“Nee, tijd om het boek te schrijven.” Antwoordde ik vastbesloten.

Uiteraard had ze geen idee waar ik het over had en dacht waarschijnlijk dat mijn harde schijf ook vol was. Ik vroeg haar bij me te komen en las het stukje aan haar voor. Zij kon het zich ook nog herinneren en weer zei ik haar: “Nu ga ik verder schrijven, het is tijd.”

Die avond klonk het startsein van wat het boek “De Salon Filosoof” zou gaan worden.

 

 

 

 

 

"De Salon Filosoof" is geboren

Diezelfde avond ging ik voor de laptop zitten, zonder enig idee, waarover ik zou gaan schrijven. Ik was begonnen met een paar zinnen, maar heb ze ook weer weggehaald. Waar moest ik beginnen? Ik had geen idee hoe je een boek moest schrijven. Ik zette YouTube aan en probeerde, om door de inmiddels door mij opgezochte muziek, in dezelfde sfeer die ik eerder had op het moment dat ik het stukje over ‘De drie filosofen’ schreef te komen. 

Er gebeurde niets. Na wat onrustig heen en weer gelopen te hebben met de hoop op een ingeving, kwam er een nummer in de playlist voorbij die me triggerde.

Het was een nummer van Mark Knopfler en Emmylou Harris. Met de titel ‘Our Shangri-La’. Een live recording die zo’n negen minuten duurt. Ik hoorde een bepaalde melodie waarvan ik rustig werd. Ik ging weer voor de laptop zitten en deed mijn ogen dicht. Op dat moment voelde ik een aanwezigheid die ik Johannes zou gaan noemen in het boek. Maar ook een vrouwelijke energie.

Die zou op haar beurt het droevige verhaal doorgeven als het personage Gabriëlle. Ik luisterde naar wat er verteld werd en zonder er verder over na te denken gingen mijn vingers zo hard als dat ze konden tekeer op het toetsenbord.

Het leverde grammaticaal geen hoogstandjes op, maar wat voelde het fantastisch om op deze manier energieën te kunnen vertalen. Ik was soms tijdens het schrijven net zo benieuwd naar het vervolg van een hoofdstuk, als de lezers.

Ik had soms werkelijk geen idee waar het naar toe zou gaan.

Uren zat ik te typen. Eigenlijk wilde ik niet meer stoppen voordat het hele verhaal klaar was. Dat ging natuurlijk niet. Af en toe moest er wat gedronken en gegeten worden, of moest er een sanitaire stop gemaakt worden. Wanneer ik dan weer verder wilde gaan, moest ik er even inkomen. Uiteindelijk kwamen de energieën steeds makkelijker mijn energieveld binnen en ging de film weer verder.

Sommige ervaringen, laten zich niet makkelijk vertalen en daar heb ik de voorbeelden uit mijn eigen leven voor gebruikt.

Toen ik op ongeveer driekwart van het boek was, kreeg ik het gevoel dat het niet alleen bij dit verhaal zou blijven. Er zouden nog meer boeken geschreven gaan worden. Dagen achter elkaar zat ik met in de herhaling, het eerder genoemde nummer van Mark Knopfler op de achtergrond te schrijven.

Er zat zo’n drive in me, dat het leek of het dwangmatig was. Misschien was dat ook wel een beetje zo. Even snel wat eten en drinken en weer verder. Als ik aan het schrijven was voelde ik geen spoor van vermoeidheid. Maar de vermoeidheid sloeg in als een bom, als ik stopte met schrijven. De trilling van het schrijven was ik nog niet gewend.

 

Nu ik zowel aan de cursus als aan het tweede deel van de ‘De Salon Filosoof’ bezig ben, gaat dat veel beter en is het dwangmatige er vanaf. De verbinding met deze aanwezigheden is inmiddels behoorlijk sterk geworden, waardoor het nu mogelijk is, om het schrijven in te plannen, zodra er een blok in de agenda vrij is. Het is nu vergelijkbaar met het licht aandoen. Eén druk op de knop en ze zijn er. Binnen een paar maanden stond alles erop, het verhaal was geschreven. Ik had het door een aantal mensen laten lezen en die vonden het ontroerend en mooi.

Er zat voor ieder van hen wel een bepaalde herkenning in. Er zaten nog wel veel fouten in de spelling en helaas zijn er nog een paar die bij het nakijken over het hoofd zijn gezien. Deze laatste foutjes zijn er inmiddels uit en binnenkort wordt deze opnieuw gecorrigeerde versie gedrukt. Ook is er een e-book versie. Ik was daar eerst niet echt een fan van. Het is een boek dat je mag voelen en naar mijn idee is dat beter als het ook daadwerkelijk vast kunt pakken. Maar ik kom daar nu wel een beetje op terug. Ik ben waarschijnlijk gewoon ouderwets.

 

Voor de eerste druk van ‘De Salon Filosoof werd ik gewezen op een aantal uitgeverijen, maar dat fenomeen kreeg in mijn gevoel geen hechting.

Ik wilde het in eigen beheer uitgeven.

Na wat speuren op het internet kwam ik er al snel achter dat het aanbod aan boekdrukkerijen groter was dan ik dacht.

Ik had bij een aantal bedrijven een offerte aangevraagd, maar toen ik deze eenmaal binnenkreeg voelde ik het niet. Het was geen ‘Ja’. Enige tijd later werd ik gewezen op een bedrijf in Amsterdam genaamd: ‘De Boekdrukker’.

Nadat we ook hier online een offerte hadden aangevraagd, werd er direct van daaruit gebeld. We waren iets vergeten in te vullen. De dame aan de andere kant van de lijn was rustig en luisterde, maar nog belangrijker, ze toonde oprechte interesse naar het boek. Er werd gesproken over de inhoud en er werd onmiddellijk meegedacht. Het was snel besloten, ‘de Boekdrukker’, zou het boek gaan drukken. Ik wilde het zo klein mogelijk houden.

 

Na ongeveer drie weken was het dan eindelijk zover. Er werd aangebeld en daar stonden twee pallets vol dozen onder aan de oprit. Mijn hart maakte een sprongetje en ik kon niet wachten om een doos open te scheuren en er een boek uit te pakken. De geur van vers gedrukte boeken is er één die je niet snel vergeet. Vroeger op school waar ik leerde hoe je met een offsetpers moest omgaan, rook ik deze geur voor het eerst. De geur van papier, inkt en lijm is niet gezond, maar het heeft iets verslavends. Toen ik het eerste exemplaar in mijn handen had gebeurde er iets wonderlijks. Ik merkte op dat iedereen, elk personage aanwezig was.

Het voelde als een familiereünie. Een positieve, wel te verstaan.

Ik was ontroerd maar tegelijkertijd had ik toen ik naar de twee volle pallets keek, zoiets van, hoe gaan we die ooit wegkrijgen. Mede door de positieve recensies van de lezers die op de website staan, heeft ‘De Salon Filosoof’ zijn weggevonden.

 

Een half jaar na het schrijven ben ik begonnen met het schrijven aan het boek "De vernieuwde zakelijkheid". Mijn toenmalige compagnon heeft voor dit boek een aantal gastschrijvers geïnterviewd die hun sporen in het ondernemen en leidinggeven reeds verdiend hebben. Ik wilde een boek schrijven speciaal voor de zakelijke markt. In dit boek schreef ik een stuk over ‘vertragen’ en ‘kerncommunicatie’. Ik voelde dat we als mensheid op een muur afstevenden. Een crisis zou, naar wat ik voorvoelde, niet uit kunnen blijven. We gingen veel te snel met z’n allen. In het begin van 2020 werd het steeds duidelijker dat een virus de mensheid in zijn greep zou gaan houden. Ik wist vorig jaar niet dat de crisis die ik voorzag door een virus teweeggebracht zou worden. Het hoofdstuk, wat ik ‘vertragen’ heb genoemd in het boek ‘De vernieuwde zakelijkheid’, omschrijft hoe we het beste om kunnen gaan met de nieuwe wereld waar we nu allemaal in leven. Ook kunnen we als individu veel doen aan onze manier van communiceren. Oprecht zijn en de dingen simpel houden kan ons een hoop goeds opleveren. Ook dit boek hebben we laten drukken bij de voor ons inmiddels bekende boekdrukker. Tijdens het proces van ook dit boek, bleek het weer de beste partij te zijn. Vakkundig stonden zij ons bij, om er een zo mooi mogelijk product van te maken.

 

Ik vertelde mijn oude vriend uit Den Haag dat ik een boek had geschreven en dat ik hem een exemplaar zou toesturen. Hij kon het niet geloven, omdat de jongeman die er voorheen moeite mee had, om een brief naar hem te schrijven, nu een boek had uitgebracht. We hebben afgesproken dat hij pas een reactie geeft, als hij het helemaal gelezen zal hebben. Ik hoop dat deze reactie komt, aangezien zijn gezondheid dusdanig verslechterd is en ik het hem niet kwalijk neem als de reactie uitblijft. Na een aantal maanden uitsluitend zakelijke stukken, in opdracht van ondernemers geschreven te hebben, ging het weer kriebelen.

Mijn vrouw was ondertussen druk bezig met het bundelen van haar verhalen. Veel mensen vinden troost bij de verhalen die ze schrijft en ik ben elke dag dankbaar dat wij elkaar, (weer) in dit leven mochten ontmoeten.

Ik voelde langzaam dat de groep van ‘De Salon Filosoof’ weer actiever werd.

Nu voelde het vreemd genoeg voor mij niet dat ik aan het vervolg zou moeten schrijven. Ik besloot maar weer vertrouwen te hebben in de groep en gewoon mijn vingers op het toetsenbord te zetten en te gaan typen. De eerste zin die ik typte was; ‘wie je bent en wat je hier doet’. Direct na het typen van deze zin wist ik dat het een cursus zou worden in plaats van een boek. Door het schrijven van deze zin was de inhoud in één keer beschikbaar. Het moest wel dezelfde sfeer uitademen die ook tussen de woorden van het boek ‘De Salon Filosoof’ aanwezig is. Zo besloot ik de cursus: ‘Ont-moet-je-zelf, te noemen.

 

De cursus is een veel groter project dan het boek. Het nam elk vrij uurtje in beslag en het is continue op de achtergrond aanwezig. In de cursus wordt er gezocht naar gehechtheden die we in onszelf hebben en hoe we deze kunnen transformeren. Het beeld dat we over onszelf hebben en hoe gewoontes en de daarbij behorende patronen voor een groot deel ons leven bepalen. We zijn als mens allemaal op zoek naar liefde en compassie. Maar al te vaak ervaren we het tegenovergestelde hiervan. Er wordt in de cursus ingegaan op belangrijke vraagstukken over het leven, zoals: Wat is mijn missie in het leven? Wat is angst en hoe doorbreek ik oude condities? Hoe kan ik leven vanuit mijn kern?

De cursus heeft een uitnodigende werking op persoonlijke en spirituele groei en door inzicht te krijgen in angsten en onzekerheden verruimt het, het bewustzijn. Je trilling/frequentie gaat omhoog. Communiceren binnen relaties en met name liefdesrelaties, kent vaak verstoring waardoor er conflicten kunnen ontstaan.

De cursus leert je om vanuit je kern te gaan communiceren. Innerlijke vrijheid is een hoog goed en door in te zien waarin we onszelf beperken, ben je in staat, om meer vrijheid te ervaren. We zijn als mens elkaar altijd aan het spiegelen, maar hoeveel mooier zal het leven eruit zien, als je leeft vanuit innerlijke vrijheid.

Je geen spelletjes meer speelt vanuit angst, onzekerheid, gewoonte of vlakheid. Door bewust vanuit observatie jezelf en de wereld te gaan aanschouwen, creëer je ruimte en door deze ruimte wordt je sensitiever. In de cursus staan af en toe ook stukjes tekst uit het boek die verwijzen, of van toegevoegde waarde zijn, op hetgeen er behandeld wordt. De intentie van de cursus is, dat je meer geluk, schoonheid en liefde mag gaan ervaren en diepe (spirituele)inzichten mag ontvangen. Door op een geheel nieuwe wijze naar jezelf en de wereld waarin je leeft te kijken, ontdek je verborgen talenten, herstel je het contact met de natuur, word je fysiek fitter en geestelijk rustiger. De cursus is te volgen op het tempo dat bij je past. Het is verdeeld in verschillende lessen en opdrachten. Met vragen, oefeningen en uitdagingen. Toen ik zo’n honderd pagina’s aan les- en leermateriaal geschreven had, voelde ik dat de groep mij aanspoorde om het nog levendiger te maken. Ik dacht aan filmpjes. Maar filmpjes inspreken voelde niet goed. Ik had daarbij het gevoel dat het voor de deelnemende cursist meer voor afleiding zou zorgen, dan dat er echt inhoudelijk naar geluisterd zou worden.

Het is in deze tijd een hype om filmpjes te maken, waarin je een waardevolle content meegeeft aan de kijker. Maar kijkt de kijker wel echt, of kijkt de kijker meer naar wat ie op de achtergrond ziet. Kortom, dit voelde niet bij de cursus te passen.

 

E-training of cursus, is niet helemaal de juiste benaming, maar soms moet je woorden gebruiken die het dichtst in de buurt komen. Je leert namelijk tijdens de cursus eerder, hoe je dingen afleert dan aanleert. Ik heb de cursus naar een aantal bevriende collega’s gestuurd met de vraag, of ze hun visie over de inhoud wilden delen. Een aantal van hen doen op hun eigen manier ook veel met cursussen en traingingen en zijn daar erg bedreven in geworden. De reacties die ik terugkreeg waren zeer positief. Het is vernieuwend maar ook zeer confronterend, waren de termen die eruit sprongen. Ondertussen merkte ik op dat mijn energie aan het veranderen was. Ik voelde steeds meer de behoefte om me terug te trekken. Steeds meer afstand te nemen van de buitenwereld met al haar complottheorieën. Steeds meer trok de natuur zich naar me toe.

Ik was dagen volledig stil en als toeschouwer aanwezig.

Het proces gaat nog altijd door, maar het is nu meer dan ooit versmolten in mijn zijn. De passie die ik voor het schrijven gekregen heb, is er één die nooit meer weggaat. Ik hoop nog heel veel op papier te mogen zetten met de groep, die naar mijn idee nog lang niet is uitverteld. Mijn intentie is om de wereld waarin we leven wat gemoedelijker en vrediger te maken. Mijns inziens gebeurt dit, wanneer het individu zichzelf ontwikkeld en overstijgt. Zich continu bewust is van het moment dat daadwerkelijk plaatsvindt en de wereld van het hier en nu aanschouwt. Momenteel worden er schandalige prijzen voor trainingen en cursussen gerekend. De intentie die ik heb, is dat de cursus voor iedereen toegankelijk moet kunnen zijn. Ik wens je als lezer van deze beknopte vertelling alle goeds toe en wie weet is er een momentum waarin wij elkaar ontmoeten.

We hebben op dit moment te maken met een wereld die aan het veranderen is. Deze shift zal een hoop zaken aan het licht gaan brengen. Zaken die al veel te lang plaatsvinden. De onrust die er de komende tijd te voelen zal zijn, is om alles wat niet in balans is aan het licht te brengen.

 

In het eerste boek haal ik al aan dat er een bepaalde groep in de wereld tracht de mensheid te controleren en domineren. Ik ben niet zo van de complottheorieën, maar de systemen die er nu in de wereld zijn, passen niet bij de bewuste mens die nu aan het opstaan is. Ik voorzie een aantal verschuivingen op het wereldtoneel. Zo verliest Amerika de status die het nu heeft als grootmacht.

Door de verdeeldheid in dat continent, is het er op dit punt aan toe om getransformeerd te worden. China zal de wereldmarkt gaan leiden. Ook In Europa zie ik een tweedeling komen tussen Noord- en Zuid-Europa. Alles is altijd in beweging en zolang we als mens niet instaat zijn naar elkaar te kijken, zonder dat we de ander zien als vijand, omdat hij of zij een ander kleurtje heeft of in een ander land woont, is echte vrede nog ver weg. Het coronavirus krijgt langzaam de status van griep en komt in het lijstje van andere griepsoorten.

Heb jezelf en de ander lief want uiteindelijk zijn we allemaal één. 

 

Ronald Rhijnsburger

 

   

 

 


Mijn eerste boek "De Salon Filosoof" een Spiri/Rouw Roman. Uitgebracht  in April 2019

Mijn tweede boek "De vernieuwde zakelijkheid" Bewust ondernemen. Uitgebracht in April 2020

Mijn derde boek "Dagboek aan mijn overleden vader" een boek over het rouwproces. Uitgebracht in Maart 2021


Een reactie achterlaten mag altijd

Commentaren: 6
  • #6

    Vivienne Semmelink (dinsdag, 04 mei 2021 12:26)

    Ik heb het gelezen. Mooie verhaal waar je helemaal naar toe werd getrokken.
    Ik zag het ook voor me.
    Wat waren je vader en jij één met alles.
    Jullie voelden elkaar precies aan.
    Je vader wist ook precies wanneer jij hem nodig had.
    Oma heeft zeker daar een rol bij gespeeld.
    Zodra de verbouwing achter de rug is zal ik zeker een afspraak met jou maken.

    Fijne avond! Groetjes aan Jolanda,
    Lieve groet, Vivienne

  • #5

    Anna Loos (dinsdag, 04 mei 2021 12:23)

    Wat ontzettend fijn om te lezen en op deze manier een inkijkje te krijgen in de schrijver achter al dit moois. Ik heb het mogen lezen vanuit een rust die mij overkwam tijdens het lezen, zoals ik dit ook ervaar als ik je boeken, en die van je vrouw lees. Ik herken dit gevoel in dankbaarheid. t geeft me weer een zetje "die kant op" dankjewel �

  • #4

    Marianne Erkelens (maandag, 03 mei 2021 17:39)

    Ik heb het afgelezen.
    Wat voelde ik veel herkenning.
    En wat heb je mooi je gevoel omschreven..
    Werd er emotioneel van en voelde me zeer verbonden..
    En de inzichten, die je erdoor gekregen hebt, zijn intens mooi..
    Dank je wel, dat je me meenam, in jouw bijzondere reis...
    Liefs
    Marianne, Bonaire❤

  • #3

    Wiena Smiet (maandag, 03 mei 2021 14:54)

    Is echt een mooi boek ‘De Salon Filosoof .
    Had al zo`n vermoeden bij het lezen dat er iets van jezelf bij was.
    Kwamen ook voor mij herkenbare stukjes voorbij bij het lezen .

  • #2

    Piet (maandag, 03 mei 2021 13:17)

    Dank je wel dat je dit online hebt gezet.
    Ik las veel herkenning in jouw woorden en het boek heb ik inmiddels al besteld ;-))

  • #1

    hannie (maandag, 03 mei 2021 13:09)

    volgens mij leef jij meerdere levens in 1 heel mooi geschreven
    dikke kus hannie